Neemt u liever telefonisch contact op?

Bel ons op 03 776 94 98, u wordt verbonden met een medewerker van verkeerszaken.be (ma t.e.m. do 9-18u | vr 9-17u).

Het Slachtofferfonds: waarom u 250 euro betaalt

Wordt u veroordeeld door de politierechtbank, dan betaalt u een bijdrage van 250,00 euro aan het Slachtofferfonds. Dat bedrag staat los van uw geldboete en van de gerechtskosten.

Veel mensen vragen zich dan af waarvoor dat geld dient, en of zij er zelf ooit een beroep op kunnen doen. Het antwoord op die tweede vraag verrast: bij een gewoon verkeersongeval doorgaans niet.

Dat fonds vergoedt namelijk slachtoffers van opzettelijke gewelddaden, en een verkeersongeval mist meestal precies dat opzet.

Gedagvaard voor de politierechtbank? Laad uw dagvaarding op via onze uploadmodule. Wij zetten alle kosten voor u op een rij. Gratis en vrijblijvend. Upload uw dagvaarding · Boek een gratis speeddate

De bijdrage van 250 euro

Artikel 29 van de wet van 1 augustus 1985 verplicht de rechter om bij elke veroordeling tot een criminele of correctionele hoofdstraf een bijdrage aan het Fonds op te leggen.

De wet noemt daarvoor 25,00 euro. Dat bedrag wordt vermenigvuldigd met de opdeciemen, en die staan voor feiten vanaf 1 januari 2026 op factor tien. U betaalt dus 250,00 euro.

Reken dat mee wanneer u de kostprijs van een veroordeling inschat. Bovenop uw geldboete met opdeciemen komen deze 250,00 euro en de gerechtskosten. Lees daarover ons artikel over wat een veroordeling echt kost.

Wat is het Slachtofferfonds precies?

De volledige naam is het Fonds tot hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en de occasionele redders. De wettelijke basis staat in de artikelen 28 tot 41 en 42bis tot septiesdecies van de wet van 1 augustus 1985.

Het is een solidariteitsfonds. Slachtoffers van opzettelijke gewelddaden, of hun verwanten, kunnen financiële hulp vragen aan de federale staat wanneer de dader onbekend of onvermogend is.

De toekenning gebeurt door de Commissie voor financiële hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en de occasionele redders.

Waarom een verkeersslachtoffer meestal niet in aanmerking komt

Hier zit het punt dat de meeste verwarring veroorzaakt, en het volgt uit één voorwaarde.

Het fonds vereist een opzettelijke gewelddaad. Daarvoor moet de dader de bedoeling hebben gehad om geweld te plegen tegen een persoon.

Bij een gewoon verkeersongeval ontbreekt dat opzet. Wie te snel rijdt, onoplettend is of gedronken heeft, veroorzaakt schade zonder de bedoeling iemand te verwonden. Juridisch spreekt men dan van het veroorzaken van een integriteitsaantasting in het verkeer.

De uitzondering: reed iemand u opzettelijk aan, dan gaat het wel om een gewelddaad en kan het fonds in beeld komen. Dat is zeldzaam, en het vraagt dat het opzet vaststaat.

Waar kan een verkeersslachtoffer dan terecht?

Bij een verkeersongeval loopt de vergoeding langs andere kanalen.

  • De BA-verzekering van de aansprakelijke bestuurder. Dat is de gewone weg, en die verzekering is wettelijk verplicht.
  • Uw eigen omniumverzekering, voor uw eigen schade.
  • Het Belgisch Gemeenschappelijk Waarborgfonds, wanneer de aansprakelijke onbekend is of niet verzekerd was. Dat is een ander fonds dan het Slachtofferfonds, en het is wél op het verkeer gericht.
  • Een burgerlijke partijstelling op de zitting, wanneer de dader vervolgd wordt.

Lees daarover ons artikel over het regres van uw verzekeraar na een ongeval met alcohol.

De voorwaarden voor hulp uit het Slachtofferfonds

Komt u toch in aanmerking, dan gelden vijf voorwaarden.

Subsidiariteit. U heeft enkel recht op hulp wanneer u op geen andere manier een voldoende vergoeding kan krijgen. Kan u de dader met succes aanspreken, dan valt het fonds weg.

U moet daarvoor eerst alle redelijke stappen gezet hebben om uw schade op de dader te verhalen. Deed u dat niet, dan kan u toch terecht bij het fonds, op voorwaarde dat u aannemelijk maakt waarom die invordering te onzeker zou zijn, te lang zou duren, of geen kans maakt.

Een opzettelijke gewelddaad of een daad van terrorisme. Bij terrorisme moet de Koning die daad erkennen bij een besluit na overleg in de ministerraad.

Ernstige lichamelijke of psychische schade, als rechtstreeks gevolg van die daad.

Oorzakelijkheid. De daad moet de rechtstreekse oorzaak van uw schade zijn. Liep u schade op terwijl u vluchtte van de plaats van de feiten, dan is dat verband niet rechtstreeks.

Territorialiteit. De feiten moeten zich in België hebben voorgedaan.

Wie kan een vergoeding vragen?

Artikel 31 van de wet van 1 augustus 1985 bepaalt dat twee groepen daarvoor in aanmerking komen.

  • Wie ernstige lichamelijke of psychische schade ondervond als rechtstreeks gevolg van een opzettelijke gewelddaad.
  • Bepaalde erfgerechtigden van het slachtoffer.

Daarnaast bestaat er een aparte regeling voor de occasionele redder: wie vrijwillig hulp verleende aan een slachtoffer, of wie een daad stelde om iemand te redden wiens leven in gevaar was.

Veelgestelde vragen

Hoeveel bedraagt de bijdrage aan het Slachtofferfonds?

250,00 euro. De wet noemt 25,00 euro, vermenigvuldigd met de opdeciemen die sinds 1 januari 2026 factor tien bedragen.

Staat die bijdrage los van mijn boete?

Ja. Zij komt bovenop uw geldboete en de gerechtskosten.

Kan ik als verkeersslachtoffer een beroep doen op dit fonds?

Doorgaans niet. Het fonds vereist een opzettelijke gewelddaad, en bij een verkeersongeval ontbreekt dat opzet meestal.

En als iemand mij opzettelijk aanreed?

Dan gaat het wel om een gewelddaad, en kan het fonds in beeld komen.

Waar kan ik dan wel terecht na een verkeersongeval?

Bij de BA-verzekering van de aansprakelijke, bij uw eigen omnium, of bij het Belgisch Gemeenschappelijk Waarborgfonds wanneer de dader onbekend of onverzekerd is.

Wat is het subsidiariteitsbeginsel?

Dat u enkel hulp krijgt wanneer u op geen andere manier een voldoende vergoeding kan bekomen.

Wie beslist over de toekenning?

De Commissie voor financiële hulp aan de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en de occasionele redders.

Moeten de feiten in België gebeurd zijn?

Ja. Dat is de territorialiteitsvoorwaarde.

Zorgeloos naar de politierechtbank

Die 250,00 euro voelt als een onzichtbare kost, en voor de meeste veroordeelden is het dat ook: zij dragen bij aan een fonds waarop zij zelf nooit een beroep zullen doen.

Wat u wel in de hand heeft, is de rest van de rekening. De geldboete, de gerechtskosten en de eventuele herstelonderzoeken vormen samen het grootste deel.

Onze advocaten pleiten sinds 1974 voor de Belgische politierechtbanken. Wij zetten alle kosten voor u op een rij, zodat u weet waar u aan toe bent.

Laad hier uw dagvaarding op — gratis, vrijblijvend, antwoord binnen 24 uur. Of bel ons op 03 776 94 98.

Heeft u een rechtsbijstandsverzekering? Dan kost onze tussenkomst u in veel gevallen niets. Wij kijken dat kosteloos na, en u kiest altijd zelf uw advocaat.

Anderen lazen ook: