Neemt u liever telefonisch contact op?

Bel ons op 03 776 94 98, u wordt verbonden met een medewerker van verkeerszaken.be (ma t.e.m. do 9-18u | vr 9-17u).

De vier graden van verkeersovertredingen

Verkeersovertredingen zijn in België verdeeld in vier graden. Dat onderscheid steunt op de mate van gevaar die de overtreding meebrengt voor lichamelijke letsels.

De eerste graad omvat de lichtste inbreuken, de vierde de zwaarste. Uw graad bepaalt drie zaken: het bedrag van uw onmiddellijke inning, de geldboete die de rechter kan opleggen, en of een rijverbod mogelijk of verplicht is.

Bij de vierde graad speelt bovendien een regel die weinig mensen kennen: voor inwoners van België is een onmiddellijke inning daar niet mogelijk. U wordt dan in principe altijd gedagvaard.

Gedagvaard voor een verkeersovertreding? Laad uw dagvaarding op via onze uploadmodule. Wij bekijken onder welke graad uw feiten vallen. Gratis en vrijblijvend. Upload uw dagvaarding · Boek een gratis speeddate

De vier graden in één overzicht

GraadOnmiddellijke inningGeldboete in de wetGeldboete na × 1,25Rijverbod
Eerste graad (art. 29, § 2)€ 64€ 80 tot € 2.000€ 100 tot € 2.500enkel bij herhaling
Tweede graad (art. 29, § 1, derde lid)€ 128€ 160 tot € 2.000€ 200 tot € 2.500mogelijk
Derde graad (art. 29, § 1, tweede lid)€ 191€ 240 tot € 4.000€ 300 tot € 5.000mogelijk
Vierde graad (art. 29, § 1, eerste lid)€ 520, niet voor inwoners van België€ 320 tot € 4.000€ 400 tot € 5.000in de regel verplicht, 8 dagen tot 5 jaar

De onmiddellijke inningen zijn niet gewijzigd. Zij staan in het koninklijk besluit van 19 april 2014 en gelden onveranderd voort. Bovenop elke onmiddellijke inning komt een administratieve toeslag van 10,67 euro. Bij een herinnering of aanmaning loopt die toeslag op tot 28,71 euro.

De geldboete staat tweemaal in de tabel, en dat heeft een reden. Artikel 29 van de Wegverkeerswet noemt een bedrag, maar dat bedrag is nooit wat u betaalt. Aan het hoofd van Titel IV van de Wegverkeerswet staat dat alle geldboetes uit die titel worden vermenigvuldigd met 1,25.

Reken dus niet langer met een factor 8 of 10. De wetgever heeft de basisbedragen in de wet zelf opgetrokken en de factor tegelijk verlaagd naar 1,25. Het eindbedrag blijft daardoor hetzelfde als voordien: enkel de rekenweg is veranderd. Lees daarover ons artikel over de opdeciemen en over wat een veroordeling echt kost.

Alle vier de graden zijn een straf van niveau 1. Dat is het laagste niveau van het nieuwe Strafwetboek, en daar hoort geen gevangenisstraf bij: de rechter beschikt over een geldboete, een werkstraf, een probatiestraf, een verbeurdverklaring of een eenvoudige schuldigverklaring. De oude opdeling in politiestraffen en correctionele straffen bestaat sinds 1 september 2026 niet meer.

Over het rijverbod bestaat veel verwarring. Artikel 38, § 1, 3° laat de rechter toe een verval van het recht tot besturen uit te spreken wanneer hij u veroordeelt wegens een overtreding van de tweede of de derde graad. Voor een overtreding van de eerste graad staat die mogelijkheid er niet: daar kan een verval enkel via artikel 38, § 1, 4°, wanneer u binnen drie jaar vóór de overtreding al driemaal werd veroordeeld.

Voor snelheid geldt een eigen regel. Artikel 38, § 1, 3°bis laat een verval toe wanneer u de toegelaten maximumsnelheid overschreed met meer dan 30 en hoogstens 40 kilometer per uur, of met meer dan 20 en hoogstens 30 kilometer per uur binnen een bebouwde kom, in een zone 30, een schoolomgeving, een erf of een woonerf.

Één nuance ontgaat jonge bestuurders vaak. Bent u minder dan twee jaar houder van het rijbewijs B, dan moet de rechter volgens artikel 38, § 5 een verval uitspreken en uw herstel afhankelijk maken van een examen. Die verplichting geldt echter niet voor overtredingen van de tweede graad.

Eerste graad: de restcategorie

Overtredingen van de eerste graad zijn de inbreuken die niet onder een van de andere graden vallen. Artikel 29, § 2 noemt het zo: alle andere overtredingen van de federale reglementen. Zij vormen dus de restcategorie, en er is geen direct gevaar.

Voorbeelden:

  • het niet dragen van de gordel;
  • de richtingaanwijzers niet gebruiken;
  • onrechtmatig op een busstrook rijden;
  • onrechtmatig op een pechstrook rijden;
  • bepaalde technische gebreken aan uw voertuig, zoals defecte verlichting.

Tweede graad: onrechtstreeks gevaar

Deze overtredingen brengen de veiligheid van personen onrechtstreeks in gevaar. Artikel 29, § 1, derde lid rekent daar ook twee eigen gevallen bij: het onrechtmatig gebruiken van parkeerfaciliteiten voor personen met een handicap, en gedragingen inzake de inschrijving waardoor men zich aan vervolging kan onttrekken.

Voorbeelden:

  • door een oranje verkeerslicht rijden;
  • rechts inhalen;
  • geen voorrang van rechts verlenen;
  • onrechtmatig parkeren op een plaats voorbehouden voor personen met een handicap;
  • verkeerd parkeren.

Lees daarover ons artikel over de boetes bij een voorrangsovertreding en over parkeerboetes.

Derde graad: rechtstreeks gevaar

Hier brengt u de veiligheid van personen rechtstreeks in gevaar, of negeert u het bevel van een bevoegd persoon.

Voorbeelden:

  • door het rood licht rijden;
  • een gsm of ander mobiel toestel met scherm in de hand gebruiken tijdens het rijden;
  • 's nachts zonder lichten rijden;
  • een bevel van de politie negeren;
  • een inhaalverbod negeren;
  • een witte doorlopende lijn overschrijden;
  • geen voorrang verlenen aan een prioritair voertuig.

Let op dat tweede punt. Gsm-gebruik achter het stuur was vroeger een overtreding van de tweede graad, maar is sinds 2022 opgewaardeerd naar de derde graad. Lees daarover ons artikel over gsm-gebruik achter het stuur en over door het rood rijden.

Vierde graad: de zwaarste categorie

Deze overtredingen brengen de veiligheid van personen rechtstreeks in gevaar en zijn van die aard dat ze bij een ongeval bijna onvermijdbaar leiden tot fysieke schade. Ook het negeren van een stopbevel van een bevoegd persoon hoort hier.

Voorbeelden:

  • in de verkeerde richting rijden op de autosnelweg;
  • keren op een autosnelweg of autoweg;
  • anderen aansporen om te snel te rijden;
  • snelheidswedstrijden op de openbare weg;
  • een voertuig parkeren op een overweg;
  • een gesloten spoorwegovergang oversteken.

Twee gevolgen maken deze graad bijzonder.

Een rijverbod is in de regel verplicht, van ten minste acht dagen en ten hoogste vijf jaar. Artikel 29, § 1, eerste lid laat de rechter wel één uitweg: spreekt hij dat verval niet uit, dan moet hij die beslissing motiveren.

Voor inwoners van België bestaat er geen onmiddellijke inning. U wordt in principe altijd gedagvaard voor de politierechtbank. Het bedrag van 520 euro geldt dus enkel voor bestuurders zonder woon- of vaste verblijfplaats in België.

Lees daarover ons artikel over wanneer de rechter een rijverbod kan of moet opleggen.

Waarom uw graad zoveel uitmaakt

Zet twee situaties naast elkaar en het verschil is duidelijk.

Een overtreding van de eerste graad kost u 64 euro als u betaalt. Komt u toch voor de rechter, dan bedraagt de geldboete ten hoogste 2.000 euro in de wet, en dus 2.500 euro na de vermenigvuldiging met 1,25. Een rijverbod is er enkel bij herhaling.

Een overtreding van de vierde graad brengt u altijd voor de rechter, met een geldboete tot 4.000 euro in de wet, dus 5.000 euro na de vermenigvuldiging, en met een rijverbod dat de rechter enkel gemotiveerd naast zich kan leggen.

Precies daarom loont het om de kwalificatie op uw proces-verbaal na te kijken. Staat er een te zware graad, dan verandert dat uw hele dossier. Lees daarover ons artikel over een verkeersovertreding betwisten.

Buiten dit systeem: de zwaarste misdrijven

Niet alles valt in die vier graden. Alcoholintoxicatie, dronkenschap, drugs in het verkeer en vluchtmisdrijf hebben elk hun eigen strafmaat in de Wegverkeerswet, met eigen bedragen en eigen rijverboden.

Ook de gevolgen van een ongeval vallen erbuiten. Raakte iemand gewond, dan komt daar een tenlastelegging bij uit het Strafwetboek: het veroorzaken van een integriteitsaantasting in het verkeer, artikel 218 van het Strafwetboek, een straf van niveau 2. Lees daarover ons artikel Onopzettelijke slagen en verwondingen heet nu integriteitsaantasting in het verkeer.

Liep het ongeval dodelijk af, dan geldt sinds 1 september 2026 de strafbaarstelling doding in het verkeer, artikel 107 van het Strafwetboek, een straf van niveau 3. Zijn er verzwarende omstandigheden zoals rijden onder invloed, rijden zonder rijbewijs of het negeren van een rood licht, dan wordt dat verzwaarde doding in het verkeer, artikel 107/1 van het Strafwetboek, een straf van niveau 4 met tot tien jaar gevangenis. Lees daarover ons artikel Doding in het verkeer sinds 1 september 2026: zeven omstandigheden die uw straf verdubbelen.

Lees daarover ook onze artikels over alcoholintoxicatie, drugs in het verkeer en vluchtmisdrijf.

Veelgestelde vragen

Hoeveel graden verkeersovertredingen bestaan er?

Vier. De eerste graad omvat de lichtste inbreuken, de vierde de zwaarste.

Waarop steunt dat onderscheid?

Op de mate van gevaar die de overtreding meebrengt voor lichamelijke letsels.

Hoeveel kost mijn onmiddellijke inning per graad?

64 euro voor de eerste graad, 128 voor de tweede, 191 voor de derde en 520 voor de vierde, telkens plus 10,67 euro toeslag. Die bedragen zijn niet gewijzigd.

Zijn de bedragen van de rechter dezelfde als op mijn boete?

Neen. De wet noemt per graad een vork: 80 tot 2.000 euro bij de eerste graad, 160 tot 2.000 euro bij de tweede, 240 tot 4.000 euro bij de derde en 320 tot 4.000 euro bij de vierde. Elk van die bedragen wordt vermenigvuldigd met 1,25, en dat geeft 100 tot 2.500, 200 tot 2.500, 300 tot 5.000 en 400 tot 5.000 euro.

Vallen alle vier de graden onder dezelfde soort straf?

Ja. Alle vier zijn een straf van niveau 1, en op dat niveau bestaat geen gevangenisstraf. De oude opdeling in politiestraffen en correctionele straffen bestaat sinds 1 september 2026 niet meer.

Onder welke graad valt gsm-gebruik?

Onder de derde graad. Sinds 2022 is dat opgewaardeerd van de tweede naar de derde graad.

Krijg ik altijd een boete in de bus bij een vierde graad?

Neen. Voor inwoners van België bestaat daar geen onmiddellijke inning: u wordt in principe gedagvaard.

Is een rijverbod verplicht?

Bij de vierde graad in de regel wel, van acht dagen tot vijf jaar; spreekt de rechter het niet uit, dan moet hij dat motiveren. Bij de tweede en de derde graad kan de rechter er een opleggen. Bij de eerste graad enkel wanneer u binnen drie jaar vóór de overtreding al driemaal werd veroordeeld.

Ik heb mijn rijbewijs minder dan twee jaar. Krijg ik altijd een rijverbod?

Niet altijd. De verplichting van artikel 38, § 5 geldt niet voor overtredingen van de tweede graad.

Vallen alcohol en drugs onder deze vier graden?

Neen. Die misdrijven hebben een eigen strafmaat in de Wegverkeerswet.

Wat is doding in het verkeer?

De strafbaarstelling van artikel 107 van het Strafwetboek voor een dodelijk verkeersongeval, een straf van niveau 3. Bij verzwarende omstandigheden wordt dat verzwaarde doding in het verkeer, artikel 107/1, een straf van niveau 4 met tot tien jaar gevangenis.

Zorgeloos naar de politierechtbank

De graad van uw overtreding bepaalt uw hele dossier: het bedrag, het risico op een rijverbod, en of u überhaupt voor de rechter moet komen.

Precies daarom is de eerste vraag in elk dossier niet wat u deed, maar hoe men het gekwalificeerd heeft.

Onze advocaten pleiten sinds 1974 voor de Belgische politierechtbanken. Wij controleren die kwalificatie voor wij over de strafmaat pleiten.

Laad uw dagvaarding op — wij bekijken of het oude of het nieuwe recht voor u gunstiger uitvalt. Gratis, vrijblijvend, antwoord binnen 24 uur. Of bel ons op 03 776 94 98. U kan ook een gratis speeddate boeken.

Wij kijken meteen na of u recht heeft op kosteloze bijstand via uw rechtsbijstandsverzekering. U kiest daarbij altijd zelf uw advocaat.

Anderen lazen ook: