Neemt u liever telefonisch contact op?

Bel ons op 03 776 94 98, u wordt verbonden met een medewerker van verkeerszaken.be (ma t.e.m. do 9-18u | vr 9-17u).

Auto in beslag genomen: hoe u ze terugkrijgt voor ze verbeurd is

Immobilisering, inbeslagname of verbeurdverklaring: het verschil

De immobilisering, de inbeslagname en de verbeurdverklaring lijken op elkaar. Juridisch zijn zij drie verschillende maatregelen, met elk een eigen beslisser en een eigen procedure. Dat onderscheid bepaalt wat u kan doen.

KenmerkImmobilisering als beveiligingsmaatregelImmobilisering als strafVerbeurdverklaring
Wie beslistde procureur des Koningsde politierechterde politierechter
Wettelijke basisartikel 58bis Wegverkeerswetartikel 50 Wegverkeerswetartikel 50, § 2 Wegverkeerswet
Aardmaatregel, geen strafstrafstraf
Wordt u eigenaar af?neenneenja

De eerste kolom overkomt u het vaakst. Uw wagen blijft staan waar hij staat, of hij verdwijnt naar een stalling, op beslissing van het parket. De laatste kolom is de zwaarste: daar verliest u het voertuig definitief.

Naast deze drie bestaat er nog een aparte piste. Bij een niet-verzekerd voertuig laat de WAM-wet toe het voertuig te immobiliseren of er beslag op te leggen.

Wanneer het parket kan immobiliseren

De beveiligingsmaatregel van artikel 58bis is voorbehouden aan specifieke gevallen. De wet verwijst naar de gevallen van artikel 30, §§ 1 tot 3, en van artikel 48. Concreet: rijden zonder het vereiste rijbewijs, rijden zonder de voorwaarden of beperkingen van uw rijbewijs na te leven, rijden ondanks een vastgestelde lichamelijke ongeschiktheid, rijden terwijl uw rijbewijs onmiddellijk is ingetrokken of terwijl die intrekking verlengd is, en rijden tijdens een verval van het recht tot besturen. Die vierde situatie wordt vaak vergeten en komt in de praktijk net heel vaak voor: de onmiddellijke intrekking na een alcoholcontrole volstaat al.

Dat is geen willekeur. De gemene noemer is telkens dezelfde: u zat achter het stuur terwijl u daar niet mocht zitten. Het parket haalt het voertuig dan uit het verkeer om te vermijden dat u het opnieuw doet.

Rijdt u met een geïmmobiliseerd voertuig? Dan pleegt u een nieuw misdrijf. Welk artikel dan geldt, hangt af van wie de immobilisering bevolen heeft. Sprak de rechter ze als straf uit, dan valt u onder artikel 54 van de Wegverkeerswet: een straf van niveau 1, met een geldboete van 800,00 tot 8.000,00 euro zoals de wet ze schrijft, of 1.000,00 tot 10.000,00 euro na de opdeciemenfactor 1,25. Ging het om een immobilisering als beveiligingsmaatregel, dan is artikel 58bis, § 4 de strafbepaling. Dat onderscheid bepaalt ook wie ze weer kan opheffen.

Voor de wielklem bij bepaalde parkeerovertredingen bestaat er nog een eigen regeling, in artikel 54bis.

Wanneer verbeurdverklaring dreigt

Hier ligt de grens scherper dan veel mensen denken, en scherper dan verschillende websites vandaag nog schrijven.

De politierechter kan het voertuig verbeurd verklaren wanneer hij een verval van het recht tot besturen oplegt dat levenslang is, of ten minste drie maanden duurt. Die drempel lag vroeger op zes maanden. De wet van 2 september 2018 bracht hem naar drie maanden.

Diezelfde wet ruimde ook artikel 51 van de Wegverkeerswet op. Dat artikel bestaat dus niet meer. Wie een tekst leest die er nog naar verwijst, leest een verouderde tekst.

Één beperking werkt in uw voordeel. Artikel 52 bepaalt dat de verbeurdverklaring van een voertuig enkel wordt uitgesproken in de gevallen die de Wegverkeerswet zelf voorziet. De rechter kan er dus niet zomaar de algemene regels van het strafrecht bij halen.

Voertuig geïmmobiliseerd of in beslag genomen? Laad uw proces-verbaal, de beslissing van het parket of uw dagvaarding op via onze uploadmodule. Wij zeggen u welke maatregel het is, welke termijn loopt en wat uw kansen zijn. Gratis en vrijblijvend. Upload uw dossier · Boek een gratis speeddate

Hoe u uw voertuig terugvraagt

Sinds 1 februari 2023 bestaat er een echte procedure met termijnen. De wet van 6 december 2022 voegde die in artikel 58bis in, nadat het Grondwettelijk Hof had geoordeeld dat een effectief rechtsmiddel ontbrak.

Artikel 58bis, § 3 wijst eerst de weg. De immobilisering als beveiligingsmaatregel wordt beëindigd door dezelfde personen die ze bevolen hebben, of — wanneer de officier van gerechtelijke politie op grond van artikel 55, § 2 heeft gehandeld — door de procureur des Konings of de procureur-generaal. Dat kan ambtshalve, op uw verzoek, of, wanneer u niet de overtreder bent, op verzoek van wie bewijst dat hij de eigenaar is.

Zo verloopt het:

  • Stap 1: u dient een verzoekschrift tot opheffing in bij de procureur des Konings. Dat verzoek moet met redenen omkleed zijn. Een blote vraag om uw wagen terug volstaat niet.
  • Stap 2: de procureur beslist binnen vijftien dagen.
  • Stap 3: bij een weigering tekent u beroep aan bij de territoriaal bevoegde politierechtbank, binnen vijftien dagen na de kennisgeving van die weigering. Het verzoekschrift gaat naar de griffie.
  • Stap 4: de rechtbank beslist binnen vijftien dagen na de neerlegging. De griffier verwittigt u minstens 48 uur vooraf. De procureur, u en uw advocaat worden gehoord.

Let op die twee termijnen van vijftien dagen. Zij zijn kort. Wie de weigering laat liggen, verliest het beroep.

De wet zet er ook een einddatum op. De immobilisering mag niet langer duren dan tot het ogenblik waarop uw rijbewijs wordt teruggegeven, of tot een rechter het einde van uw verval van het recht tot sturen heeft uitgesproken.

Nog een detail dat mensen verrast: wordt u in het ongelijk gesteld, dan kan u tot de kosten worden verwezen. En u kan geen nieuw verzoekschrift met hetzelfde voorwerp indienen voor er drie maanden verstreken zijn. Eén slecht onderbouwd verzoek kost u dus een kwartaal.

Takelkosten en stallingskosten

Bij een immobilisering als straf staat het klaar en duidelijk in de wet: het gebeurt op kosten en risico van de dader.

Bent u niet de overtreder maar wel de eigenaar? Dan kan u uw voertuig zonder kosten terugkrijgen. De kosten en de risico's blijven bij de overtreder liggen (art. 58bis, § 2). Dat is het artikel om te citeren wanneer een leasingmaatschappij of een familielid de rekening in de bus krijgt.

Bij een niet-verzekerd voertuig komen de kosten in beginsel ten laste van de eigenaar. Dat is een andere logica, want daar is het net de eigenaar die zijn verplichting niet nakwam.

Als u eigenaar bent maar niet reed

Dit is de situatie van de ouder wiens zoon met de wagen wegreed, van de werkgever met een bedrijfsvoertuig, en van de leasemaatschappij.

Tot 2018 bood het eigendom van een derde bescherming. De wet van 2 september 2018 schrapte die eigendomsvereiste. Immobilisering en verbeurdverklaring zijn dus ook mogelijk wanneer de overtreder niet de eigenaar is.

Toch bent u niet weerloos. U riskeert die maatregelen in beginsel enkel wanneer u zelf veroordeeld wordt omdat u het voertuig wetens toevertrouwde aan iemand zonder rijbewijs, aan iemand onder invloed, of aan iemand met een rijverbod. Wist u het niet, dan is dat uw verdediging. Lees daarover ons artikel over uw sleutels geven aan wie gedronken had.

Het Hof van Cassatie oordeelde in 2024 bovendien dat de politierechtbank het verzoek van de niet-overtredende eigenaar op dezelfde wijze moet beoordelen als dat van de overtreder. Het enige verschil zit in de kostenregeling. Bij die beoordeling weegt de rechter ook of de maatregel uw eigendomsrecht niet onevenredig aantast, gelet op de band tussen u en de overtreder.

Onder het nieuwe Strafwetboek, in werking sinds 1 september 2026, blijft de verbeurdverklaring in de regel een bijkomende straf. Derden kunnen daarbij hun rechten laten gelden.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen immobilisering en verbeurdverklaring?

Bij een immobilisering blijft u eigenaar en mag u het voertuig tijdelijk niet gebruiken. Bij een verbeurdverklaring verliest u het voertuig definitief.

Wie beslist over de immobilisering van mijn voertuig?

Als beveiligingsmaatregel de procureur des Konings, op grond van artikel 58bis van de Wegverkeerswet. Als straf de politierechter, op grond van artikel 50.

Hoe vraag ik mijn voertuig terug?

Met een gemotiveerd verzoekschrift tot opheffing aan de procureur des Konings. Hij beslist binnen vijftien dagen. Bij een weigering heeft u vijftien dagen om beroep aan te tekenen bij de politierechtbank.

Vanaf welk rijverbod kan mijn wagen verbeurd verklaard worden?

Vanaf een verval van het recht tot besturen van ten minste drie maanden, of bij een levenslang verval.

Ik ben eigenaar maar reed niet. Draag ik de kosten?

Neen. Bent u niet de overtreder, dan kan u het voertuig zonder kosten terugkrijgen; de kosten blijven ten laste van de overtreder.

Mag ik met een geïmmobiliseerd voertuig rijden?

Neen. Dat is een afzonderlijk misdrijf. Werd de immobilisering door de rechter als straf uitgesproken, dan is artikel 54 van de Wegverkeerswet van toepassing, met een geldboete van 1.000,00 tot 10.000,00 euro na opdeciemen. Ging het om een immobilisering als beveiligingsmaatregel, dan is dat artikel 58bis, § 4.

Kan ik twee keer een verzoek indienen?

Niet met hetzelfde voorwerp binnen drie maanden. Uw eerste verzoek moet dus meteen goed onderbouwd zijn.

Zorgeloos naar de politierechtbank

Een wagen die er niet meer staat, brengt uw hele week in de problemen. Werk, kinderen, boodschappen: alles hangt eraan vast. Dat maakt de neiging groot om snel iets te schrijven naar het parket.

Doe dat niet zonder onderbouwing. U heeft in de praktijk één goede kans, want een tweede verzoek met hetzelfde voorwerp moet drie maanden wachten.

Onze advocaten pleiten sinds 1974 voor de Belgische politierechtbanken. Wij gaan na welke maatregel precies werd genomen, op welke grondslag, en welke termijn er loopt. Vervolgens stellen wij het verzoekschrift op.

Laad hier uw dossier op — gratis, vrijblijvend, antwoord binnen 24 uur. Of bel ons op 03 776 94 98.

Heeft u een rechtsbijstandsverzekering? Dan kost onze tussenkomst u in veel gevallen niets. U kiest daarbij altijd zelf uw advocaat.

Anderen lazen ook: