Neemt u liever telefonisch contact op?

Bel ons op 03 776 94 98, u wordt verbonden met een medewerker van verkeerszaken.be (ma t.e.m. do 9-18u | vr 9-17u).

Werkstraf gevraagd? Weet dat ze nooit met uitstel kan

De werkstraf is sinds 1 september 2026 een straf van niveau 1 of 2

Een werkstraf is onbetaald werk dat u voor de gemeenschap verricht in plaats van een geldboete of een gevangenisstraf. Sinds 1 september 2026 staat ze in artikel 45 van het nieuwe Strafwetboek, en de regels zijn op één belangrijk punt strenger geworden.

De rechter kan een werkstraf enkel opleggen als hoofdstraf wanneer hij van oordeel is dat hij een straf van niveau 1 of niveau 2 moet uitspreken. In verkeerszaken is dat het overgrote deel van de dossiers: alcohol aan het stuur, drugs, rijden zonder rijbewijs, vluchtmisdrijf en zware snelheidsovertredingen zitten allemaal op niveau 1 of 2.

En er is één harde voorwaarde. De rechter mag een werkstraf slechts uitspreken als u, in persoon of via uw advocaat, met kennis van zaken uw instemming hebt gegeven. Geen instemming, geen werkstraf. Dat is de reden waarom een werkstraf zelden komt van een rechter die u niet gevraagd heeft: u moet ze zelf op de zitting laten vragen.

Hoeveel uren, en wat er in hetzelfde vonnis wordt bepaald

De vork hangt af van het niveau van uw straf.

  • Niveau 1: van twintig tot honderdtwintig uur.
  • Niveau 2: van meer dan honderdtwintig tot driehonderd uur.

De rechter bepaalt zelf de duur en kan aanwijzingen geven over de concrete invulling.

Belangrijker nog is wat hij in datzelfde vonnis verplicht moet vastleggen: de vervangende straf. Bij een werkstraf van niveau 1 is dat een geldboete van 200 tot 20.000 euro of een gevangenisstraf van één tot zes maanden. Bij niveau 2 dezelfde geldboete of een gevangenisstraf van één maand tot een jaar.

Die vervangende straf staat dus zwart op wit in uw vonnis, vanaf dag één. Ze wordt niet later bepaald, en ze wordt niet opnieuw bediscussieerd. Dat is het punt dat u moet begrijpen vóór u instemt.

Waar en hoe u de uren presteert

De wet bepaalt drie dingen over de uitvoering, en ze werken alle drie in uw voordeel.

  • U presteert kosteloos. U wordt niet betaald voor de uren.
  • U presteert tijdens uw vrije tijd, dat is de tijd waarover u naast uw school- of beroepsactiviteiten beschikt. Uw job of uw opleiding staat de werkstraf dus niet in de weg — ze bepaalt juist wanneer u de uren doet.
  • U presteert bij een overheidsdienst of een vereniging. De wet noemt de openbare diensten van de Staat, de gemeenschappen, de gewesten, de provincies, de gemeenten en de OCMW's, en daarnaast vzw's, stichtingen met een sociaal, wetenschappelijk of cultureel doel, en coöperatieve vennootschappen die erkend zijn als sociale onderneming.

Eén verbod is uitdrukkelijk: de werkstraf mag niet bestaan uit een activiteit die in die dienst of vereniging doorgaans door bezoldigde werknemers wordt verricht. U vervangt dus geen personeelslid.

Op de tenuitvoerlegging wordt toegezien door de strafuitvoeringsrechtbank. Dat is nieuw: vóór 1 september 2026 lag dat toezicht bij de probatiecommissie. De nadere regels van uitvoering en controle bepaalt de Koning.

Binnen welke termijn u de uren moet presteren

Hier moet u opletten met wat u elders leest. Het oude artikel 37ter van het Strafwetboek zette de termijn op twaalf maanden na de onherroepelijke uitspraak, met de mogelijkheid voor de probatiecommissie om die te verlengen.

Artikel 45 van het nieuwe Strafwetboek noemt zelf geen termijn meer. Het verwijst de uitvoeringsmodaliteiten naar een koninklijk besluit. Wat er in uw dossier concreet geldt, staat dus in uw vonnis en in de brief die u van de uitvoeringsdiensten krijgt — niet in een algemene regel op het internet.

Wat wel vast staat: de klok begint pas te lopen wanneer uw vonnis definitief is. Tekent u hoger beroep aan, dan schuift alles op.

Twijfelt u of een werkstraf in uw dossier haalbaar is? Laad uw dagvaarding op via onze uploadmodule. Wij bekijken op welk niveau uw feiten zitten en of een werkstraf voor u gunstiger uitvalt dan een geldboete. Gratis en vrijblijvend. Upload uw dagvaarding · Boek een gratis speeddate

Wat er gebeurt als u de uren niet presteert

Dit is het beslissende deel, en het is waar mensen zich vergissen.

Presteert u de werkstraf geheel of gedeeltelijk niet, dan kan de strafuitvoeringsrechtbank op vordering van het openbaar ministerie beslissen dat de vervangende straf of een deel ervan wordt uitgevoerd. U wordt daarvoor eerst gehoord.

De wet voegt daar één belangrijke nuance aan toe: de rechtbank houdt rekening met het deel van de werkstraf dat u al hebt verricht. Hebt u tachtig van de honderdtwintig uur gedaan, dan wordt dat meegewogen. Alles of niets bestaat hier niet.

Toch is de rekensom ongemakkelijk. Een werkstraf van honderdtwintig uur die u niet presteert, kan uitmonden in zes maanden gevangenis of in een geldboete tot 20.000 euro — omdat dat het cijfer is dat de rechter destijds in uw vonnis heeft gezet.

En er is nog iets: een werkstraf kan niet met uitstel worden opgelegd. Artikel 65 van het nieuwe Strafwetboek sluit de werkstraf uitdrukkelijk uit van de straffen waarvan de tenuitvoerlegging kan worden uitgesteld. Hetzelfde geldt voor de vervangende straf. Wat de rechter u oplegt, is dus altijd effectief.

Hoe u een werkstraf vraagt

Een werkstraf vraagt u op de zitting, niet erna. Drie dingen bepalen of uw vraag slaagt.

  • Uw instemming, met kennis van zaken. De rechter moet u vooraf inlichten over wat een werkstraf inhoudt, en pas daarna kan u instemmen. Uw advocaat kan dat in uw plaats doen, maar dan moet u wel weten waarmee u instemt — inclusief de vervangende straf.
  • Een concreet voorstel. Een rechter die niet weet waar u de uren zou presteren, legt liever de gewone straf op. Kom met een dienst of een vereniging die u al gecontacteerd hebt.
  • Een dossier dat toont dat u ze zal afmaken. Werkgeversattest, uurregeling, bewijs van uw beschikbaarheid. Wie kan aantonen dat honderdtwintig uur in zijn agenda past, krijgt ze makkelijker.

Voor wie een geldboete niet kan dragen maar zijn rijbewijs nodig heeft, is de werkstraf vaak de betere weg. Zij vervangt namelijk de hoofdstraf, en zij verhindert niet dat de rechter daarnaast een rijverbod uitspreekt — maar zij haalt wel de geldboete of de gevangenisstraf uit uw vonnis.

Veelgestelde vragen

Kan de politierechter mij een werkstraf opleggen zonder dat ik ze vraag?

Neen. Artikel 45 van het Strafwetboek vereist dat u, in persoon of via uw advocaat, met kennis van zaken uw instemming hebt gegeven. Zonder die instemming mag de rechter geen werkstraf uitspreken.

Hoeveel uur riskeer ik?

Bij een straf van niveau 1 tussen twintig en honderdtwintig uur. Bij niveau 2 meer dan honderdtwintig en ten hoogste driehonderd uur. Welk niveau op uw feiten staat, leest u af van de tenlastelegging in uw dagvaarding.

Verdwijnt een werkstraf van mijn strafregister?

Ja. Sinds 1 september 2026 wordt een werkstraf tot en met honderdtwintig uur van rechtswege uitgewist, drie jaar na de definitieve beslissing (art. 619 Sv.). Een werkstraf van niveau 2, dus boven de honderdtwintig uur, valt buiten die automatische uitwissing.

Kan ik een werkstraf met uitstel krijgen?

Neen. De werkstraf staat in artikel 65 van het Strafwetboek uitdrukkelijk op de lijst van straffen waarvan de tenuitvoerlegging niet kan worden uitgesteld. Ook de vervangende straf kan geen uitstel krijgen.

Mag ik mijn uren bij mijn eigen werkgever presteren?

Neen. De werkstraf wordt verricht bij een openbare dienst of bij een vereniging zonder winstoogmerk, een stichting met een sociaal, wetenschappelijk of cultureel doel, of een als sociale onderneming erkende coöperatieve vennootschap. En de activiteit mag niet het werk zijn dat daar normaal door betaalde werknemers wordt gedaan.

Wat als ik ziek word tijdens de uitvoering?

Meld dat onmiddellijk aan de dienst die uw uitvoering opvolgt, met een attest. De strafuitvoeringsrechtbank beslist over de gevolgen, en zij houdt rekening met het deel dat u al hebt verricht. Stilzwijgend stoppen is het slechtste dat u kan doen: dan volgt de vordering tot uitvoering van de vervangende straf.

Kan ik naast een werkstraf ook nog een rijverbod krijgen?

Ja. Het verval van het recht tot sturen is een bijkomende straf. De werkstraf vervangt uw hoofdstraf, niet uw rijverbod.

Zorgeloos naar de politierechtbank

Een werkstraf krijgt u niet cadeau: u vraagt ze, u onderbouwt ze, en u weet vooraf welke vervangende straf de rechter ernaast schrijft. Onze advocaten pleiten sinds 1974 voor de Belgische politierechtbanken en weten welk voorstel een politierechter aanvaardt en welk niet.

Laad hier uw dagvaarding op — gratis, vrijblijvend, antwoord binnen 24 uur. Of bel ons op 03 776 94 98.

Heeft u een rechtsbijstandsverzekering? Dan kost onze tussenkomst u in veel gevallen niets. U kiest daarbij altijd zelf uw advocaat.

Anderen lazen ook: