Neemt u liever telefonisch contact op?

Bel ons op 03 776 94 98, u wordt verbonden met een medewerker van verkeerszaken.be (ma t.e.m. do 9-18u | vr 9-17u).

Een bord dat verkeerd staat, bindt u niet: de regel bij twijfel

Welke snelheidslimiet geldt hier echt? Drie vragen, in deze volgorde

Welke snelheidslimiet hier echt geldt, volgt uit drie dingen: het wegtype, het bord dat u passeerde en het voertuig dat u bestuurt. Op uw boete staat één cijfer. Dat cijfer is een conclusie van de verbalisant, geen natuurwet — en klopt de limiet niet, dan klopt ook het snelheidsoverschot, de boete en het rijverbod niet.

De algemene limieten staan in artikel 11 van de wegcode

Artikel 11 van de wegcode zet de algemene limieten vast, per gewest. Binnen de bebouwde kom bepaalt artikel 11.1:

  • Brussels Hoofdstedelijk Gewest: "Binnen de bebouwde kommen is de snelheid beperkt tot 30 km per uur."
  • Vlaams Gewest: "Binnen de bebouwde kommen is de snelheid beperkt tot 50 km per uur."
  • Waals Gewest: ook 50 km per uur, met een eigen regel erbij: "De snelheid is beperkt tot 30 km/u op de voor voetgangers en fietsers bestemde gedeelten van de openbare weg, aangeduid met het sein D9 of D10."

Buiten de bebouwde kom loopt artikel 11.2 verder uiteen:

  • Autosnelwegen: 120 km per uur in de drie gewesten. Voertuigen en slepen met een maximale toegelaten massa van meer dan 3,5 ton en autobussen mogen daar 90.
  • Vlaams Gewest, de gewone wegen: 70 km per uur. Er geldt 90 "op voorwaarde dat door middel van een verkeersbord C43 de snelheid beperkt is tot 90 km per uur". Zonder dat bord blijft het dus 70.
  • Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de gewone wegen: 70 km per uur.
  • Waals Gewest, de gewone wegen: 90 km per uur, en 70 op de middenrijbaan.

Op een gewone gewestweg buiten de bebouwde kom zit er dus twintig kilometer per uur tussen de basisregel aan weerszijden van de taalgrens.

Uw voertuig kan daar nog onder duiken. Artikel 11.3 beperkt de snelheid "volgens de aard van het voertuig": 75 km per uur voor autobussen en autocars, 60 km per uur voor voertuigen en slepen met luchtbanden en een maximale toegelaten massa van meer dan 7,5 ton (in beide gevallen behalve op de wegen bedoeld in 11.2.1° en 11.2.2° a)), 45 km per uur voor bromfietsen klasse B en 25 km per uur voor klasse A. De laagste limiet wint. In een woonerf of erf is de snelheid volgens artikel 22bis, 3° beperkt tot 20 km per uur.

Wat een bord C43 verandert, en tot waar het geldt

Het bord C43 legt een andere limiet op dan de algemene regel. De wegcode zegt zelf waar dat bord ophoudt te werken, en dat punt beslecht de meeste discussies. De beschrijving van C43 luidt: "Vanaf het verkeersbord tot en met het volgend kruispunt, of tot elk verkeersbord C43 met of zonder zonale geldigheid, of tot het verkeersbord dat het begin of het einde van een bebouwde kom, van een woonerf of erf, of van een voetgangerszone aanduidt, verbod te rijden met een grotere snelheid dan deze die is aangeduid."

Lees dat traag. Een gewoon C43 dooft uit bij het volgende kruispunt. Werd u ná een kruispunt geflitst met de limiet van vóór dat kruispunt, dan is er iets mis — tenzij het bord zonale geldigheid had.

Zoneborden lopen door tot het eindezonebord

Punt 65.5.10 van de wegcode regelt de snelheidszones in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en het Vlaams Gewest. "Vanaf het zonebord tot het eindezonebord is het verboden te rijden met een hogere snelheid dan de zonale snelheid." Het zonebord staat rechts aan elke toegang tot de zone. Binnen de zone gelden dan nog deze regels:

  • Een ander C43 in de zone geldt tot het volgende kruispunt; daarna geldt opnieuw de zonale snelheid, zonder herhaald zonebord.
  • Een hogere snelheid dan de zonale mag binnen de zone niet met een C43 worden aangeduid.
  • Een erf, woonerf of schoolomgeving onderbreekt de zonale snelheid; na het einde daarvan geldt ze opnieuw, zonder herhaald zonebord.
  • Een bebouwde kom of een andere snelheidszone onderbreekt ze ook, maar daar moet het zonebord op het einde wél opnieuw geplaatst worden.

Dat laatste is een echte verdedigingsgrond. Verlaat u binnen een zone 70 een bebouwde kom en staat het zonebord daar niet opnieuw, dan is de zone daar niet gesignaleerd zoals de wegcode het voorschrijft.

Punt 65.5.11 voegt over de vignetten aan verlichtings- en verkeerspalen toe: "Het vignet en het herkenningsbord dienen als herkenningsteken en hebben op zich geen bindende gevolgen voor de weggebruiker."

Twijfelt u of het bord waarop uw boete steunt daar wel gold? Laad uw boete of dagvaarding op via onze uploadmodule. Wij zoeken op welk bord het parket zich baseert, tot waar dat bord volgens de wegcode reikt, en of het aanvullend reglement erachter bestaat. Gratis en vrijblijvend. Upload uw dagvaarding · Boek een gratis speeddate

Artikel 5 van de wegcode: een onregelmatig bord bindt u niet

Dit is de kern van elke betwisting. Artikel 5 van de wegcode, onder de titel "Bindende kracht van de verkeerstekens", luidt volledig:

"De weggebruikers moeten de verkeerslichten, verkeersborden en wegmarkeringen in acht nemen wanneer deze regelmatig zijn naar de vorm, voldoende zichtbaar zijn en overeenkomstig de voorschriften van dit reglement zijn aangebracht."

Drie voorwaarden, en ze gelden samen. Ontbreekt er één, dan moet u het teken niet in acht nemen. Dat is geen gunst van de rechter maar de tekst van het reglement zelf.

  • Regelmatig naar de vorm. Het reglementaire model, formaat en de reglementaire kleuren.
  • Voldoende zichtbaar. Een bord achter een uitgelopen haag, achter een geparkeerde vrachtwagen of weggedraaid van de rijrichting staat er wel, maar bindt niet. Een foto met datum is hier uw beste stuk.
  • Overeenkomstig de voorschriften aangebracht. De kant van de weg, de hoogte, de herhaling die de wegcode oplegt, en het reglement dat de plaatsing dekt.

Artikel 6.2 zegt wel dat verkeerstekens boven de verkeersregels gaan, maar dat vertrekt van een teken dat aan artikel 5 voldoet. Een onregelmatig bord verdringt de algemene limiet niet.

Werken en tijdelijke signalisatie: de toelating bepaalt de borden

Werfsignalisatie is de plaats waar het het vaakst mis gaat. Artikel 78.1.1 legt het signaleren van werken ten laste van "diegene die de werken uitvoert". Moeten er verbodsborden, gebodsborden, voorrangsborden of voorlopige rijstrookmarkeringen komen, dan mag die signalisatie er alleen staan met toelating: van de bevoegde minister of zijn gemachtigde op een autosnelweg, en van de burgemeester of zijn gemachtigde op elke andere openbare weg.

En dan de zin die de verdediging maakt: "Deze toelating bepaalt in elk geval de verkeerstekens die zullen gebruikt worden." Staat er een C43 die niet in die toelating voorkomt, dan is hij niet aangebracht overeenkomstig de voorschriften. Artikel 78.1.2 voegt toe dat de tekens weggenomen worden zodra de werken beëindigd zijn.

Hoe u het aanvullend reglement of de signalisatievergunning opvraagt

Een bord dat een andere limiet oplegt dan artikel 11, staat er niet uit zichzelf. In het Vlaams Gewest regelt het decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer wie het reglement vaststelt: de Vlaamse Regering op de gewest- en provinciewegen, de gemeente op de gemeentewegen. Stelt de gemeente er een vast op een gewest- of provincieweg, dan wordt dat volgens artikel 4 ter goedkeuring aan de Vlaamse Regering voorgelegd. Artikel 11 van dat decreet voorziet een gegevensbank met de aanvullende reglementen en de locaties van de verkeersborden.

Praktisch vraagt u het stuk op als bestuursdocument. Onder het Vlaamse Bestuursdecreet moet uw aanvraag "zo snel mogelijk en uiterlijk binnen twintig kalenderdagen" beantwoord worden (artikel II.43, § 1), verlengbaar tot veertig kalenderdagen (artikel II.43, § 3). Wat u vraagt, hangt af van de plaats:

  • Gemeenteweg: het aanvullend reglement voor die straat, met besluit en datum.
  • Gewest- of provincieweg: het reglement en, als de gemeente het vaststelde, het goedkeuringsbesluit.
  • Werf: de toelating uit artikel 78.1.1, met de verkeerstekens die ze bepaalt.
  • Elk dossier: het volledige proces-verbaal met het bordenplan.

Krijgt u geen reglement omdat er geen is, dan hebt u geen document nodig: dan hebt u een verweer.

Veelgestelde vragen

Geldt een bord C43 tot het volgende bord of tot het volgende kruispunt?

Tot het volgende kruispunt, tenzij het bord zonale geldigheid heeft. De beschrijving van C43 noemt drie eindpunten: het volgende kruispunt, elk volgend C43-bord, en het bord dat het begin of einde van een bebouwde kom, woonerf, erf of voetgangerszone aanduidt. Wat eerst komt, beëindigt de beperking.

Ik heb het zonebord nooit gezien. Is dat een verweer?

Niet op zich. Artikel 5 van de wegcode vraagt dat het teken voldoende zichtbaar is, niet dat u het gezien hebt. Maar was het bord objectief niet zichtbaar, of stond het niet aan de toegang waarlangs u de zone binnenreed, dan raakt u aan artikel 5 en aan punt 65.5.10.

Mag een werfbord van 50 op een gewestweg buiten de bebouwde kom?

Ja, mits het uit een toelating volgt. Artikel 78.1.1 eist voor verbodsborden bij werken een toelating van de burgemeester of zijn gemachtigde, of van de bevoegde minister op een autosnelweg. Staat het bord niet in die toelating, dan is het niet reglementair aangebracht.

Buiten de bebouwde kom in Vlaanderen: is het 70 of 90?

De basisregel op de gewone wegen is 70 km per uur. De 90 geldt volgens artikel 11.2 alleen "op voorwaarde dat door middel van een verkeersbord C43 de snelheid beperkt is tot 90 km per uur". Zonder dat bord blijft het 70.

Wat kost een snelheidsovertreding sinds 1 september 2026?

Voor de rechter bedraagt de geldboete 100 tot 5.000 euro: artikel 29, § 3 van de Wegverkeerswet noemt 80 tot 4.000 euro, en vooraan Titel IV staat dat alle bedragen met 1,25 vermenigvuldigd worden. Bij onmiddellijke inning betaalt u 58 euro voor de eerste 10 km per uur boven de limiet, daarboven 12 euro per bijkomende km per uur in de bebouwde kom, zone 30, schoolomgeving, woonerf of erf, en 7 euro elders.

Wanneer riskeer ik een rijverbod bij te snel rijden?

Artikel 29, § 3, derde lid van de Wegverkeerswet legt een verval van acht dagen tot vijf jaar op bij meer dan 40 km per uur te snel, of meer dan 30 km per uur te snel in een bebouwde kom, zone 30, schoolomgeving, erf of woonerf. Spreekt de rechter dat verval niet uit, dan moet hij dat motiveren. Bij meer dan 30 en hoogstens 40 km per uur, of meer dan 20 en hoogstens 30 km per uur in die zones, kán hij een verval opleggen (artikel 38, § 1, 3°bis).

Zorgeloos naar de politierechtbank

Onze advocaten pleiten sinds 1974 voor de Belgische politierechtbanken. Wij weten welke borden op welke wegen horen en welke stukken erachter in de praktijk ontbreken.

Laad hier uw dagvaarding op — gratis, vrijblijvend, antwoord binnen 24 uur. Of bel ons op 03 776 94 98.

Heeft u een rechtsbijstandsverzekering? Dan kost onze tussenkomst u in veel gevallen niets. U kiest daarbij altijd zelf uw advocaat.

Anderen lazen ook: